Art. 7:669 BW

Je werkgever mag jou alleen ontslaan als daar een redelijke grond voor is en als hij geen andere passende functie voor je heeft.

Wat dit voor jou betekent

De wet zegt dat een werkgever niet zomaar iemand mag ontslaan. Hij moet eerst een redelijke grond hebben. Daarnaast moet het voor de werkgever niet mogelijk zijn om jou in een andere passende functie te plaatsen. Die herplaatsing moet binnen een redelijke termijn gebeuren. Soms kan dat met extra scholing. Als je een geestelijk ambt hebt, hoeft de werkgever niet naar een andere functie te zoeken.

Wanneer kom je dit tegen?

  • Je bent langdurig ziek en je werkgever zegt dat je niet meer beter wordt. Je baan vervalt omdat het bedrijf reorganiseert en er zijn meerdere werknemers die hun baan verliezen. Je werkgever wil je ontslaan omdat je iets gedaan hebt dat hij heel ernstig vindt, zoals het overtreden van regels. Je hebt een conflict met je werkgever en de sfeer is zo slecht dat jullie niet meer samen kunnen werken.

Waar mensen op vastlopen

Een veelvoorkomend misverstand is dat een redelijke grond automatisch mag ontslaan. Maar de wet verplicht de werkgever ook om te onderzoeken of hij je in een andere functie kan plaatsen. Als hij dat niet goed onderzoekt, kan de rechter het ontslag tegenhouden. Alleen bij ernstig verwijtbaar gedrag van jou hoeft de werkgever dat onderzoek niet te doen.

Deze uitleg is door Rechtswijs geschreven op basis van de wettekst en de uitspraken hieronder, en gecontroleerd op verwijzingen naar wetsartikelen die er niet zijn. Hij vervangt geen advies over jouw eigen situatie.

De rechter heeft dit artikel in 2.813 gepubliceerde uitspraken toegepast, de meest recente op 20-7-2026.

Wat er in de wet staat

1

De werkgever kan de arbeidsovereenkomst opzeggen indien daar een redelijke grond voor is en herplaatsing van de werknemer binnen een redelijke termijn, al dan niet met behulp van scholing, in een andere passende functie niet mogelijk is of niet in de rede ligt. Herplaatsing ligt in ieder geval niet in de rede indien sprake is van verwijtbaar handelen of nalaten van de werknemer als bedoeld in lid 3, onderdeel e.

2

Herplaatsing, bedoeld in lid 1, is niet vereist, indien de werknemer een geestelijk ambt bekleedt.

3

Onder een redelijke grond als bedoeld in lid 1 wordt verstaan: a. het vervallen van arbeidsplaatsen als gevolg van de beëindiging van de werkzaamheden van de onderneming of het, over een toekomstige periode van ten minste 26 weken bezien, noodzakelijkerwijs vervallen van arbeidsplaatsen als gevolg van het wegens bedrijfseconomische omstandigheden treffen van maatregelen voor een doelmatige bedrijfsvoering; b. ziekte of gebreken van de werknemer waardoor hij niet meer in staat is de bedongen arbeid te verrichten, mits de periode, bedoeld in artikel 670, leden 1 en 11 , is verstreken en aannemelijk is dat binnen 26 weken, of bij een werknemer die de in artikel 7, onderdeel a, van de Algemene Ouderdomswet bedoelde leeftijd heeft bereikt, 6 weken, geen herstel zal optreden en dat binnen die periode de bedongen arbeid niet in aangepaste vorm kan worden verricht; c. het bij regelmaat niet kunnen verrichten van de bedongen arbeid als gevolg van ziekte of gebreken van de werknemer met voor de bedrijfsvoering onaanvaardbare gevolgen, mits het bij regelmaat niet kunnen verrichten van de bedongen arbeid niet het gevolg is van onvoldoende zorg van de werkgever voor de arbeidsomstandigheden van de werknemer en aannemelijk is dat binnen 26 weken, of bij een werknemer die de in artikel 7, onderdeel a, van de Algemene Ouderdomswet bedoelde leeftijd heeft bereikt, 6 weken, geen herstel zal optreden en dat binnen die periode de bedongen arbeid niet in aangepaste vorm kan worden verricht; d. de ongeschiktheid van de werknemer tot het verrichten van de bedongen arbeid, anders dan ten gevolge van ziekte of gebreken van de werknemer, mits de werkgever de werknemer hiervan tijdig in kennis heeft gesteld en hem in voldoende mate in de gelegenheid heeft gesteld zijn functioneren te verbeteren en de ongeschiktheid niet het gevolg is van onvoldoende zorg van de werkgever voor scholing van de werknemer of voor de arbeidsomstandigheden van de werknemer; e. verwijtbaar handelen of nalaten van de werknemer, zodanig dat van de werkgever in redelijkheid niet kan worden gevergd de arbeidsovereenkomst te laten voortduren; f. het weigeren van de werknemer de bedongen arbeid te verrichten wegens een ernstig gewetensbezwaar, mits aannemelijk is dat de bedongen arbeid niet in aangepaste vorm kan worden verricht; g. een verstoorde arbeidsverhouding, zodanig dat van de werkgever in redelijkheid niet kan worden gevergd de arbeidsovereenkomst te laten voortduren; h. andere dan de hiervoor genoemde omstandigheden die zodanig zijn dat van de werkgever in redelijkheid niet kan worden gevergd de arbeidsovereenkomst te laten voortduren; i. een combinatie van omstandigheden genoemd in twee of meer van de gronden, bedoeld in de onderdelen c tot en met e, g en h, die zodanig is dat van de werkgever in redelijkheid niet kan worden gevergd de arbeidsovereenkomst te laten voortduren.

4

Tenzij schriftelijk anders is overeengekomen, kan de werkgever de arbeidsovereenkomst, die is ingegaan voor het bereiken van een tussen partijen overeengekomen leeftijd waarop de arbeidsovereenkomst eindigt, of, indien geen andere leeftijd is overeengekomen, de in artikel 7, onderdeel a, van de Algemene Ouderdomswet bedoelde leeftijd, eveneens opzeggen in verband met of na het bereiken van de tussen partijen overeengekomen leeftijd waarop de arbeidsovereenkomst eindigt, of, indien geen andere leeftijd is overeengekomen, de in artikel 7, onderdeel a, van de Algemene Ouderdomswet bedoelde leeftijd.

5

Bij regeling van Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid worden: a. nadere regels gesteld met betrekking tot een redelijke grond voor opzegging, de herplaatsing van de werknemer en de redelijke termijn, bedoeld in lid 1, waarbij onderscheid kan worden gemaakt naar categorieën van werknemers; b. regels gesteld voor het bepalen van de volgorde van opzegging bij het vervallen van arbeidsplaatsen, bedoeld in lid 3, onderdeel a.

6

De regels, bedoeld in lid 5, onderdeel b, zijn niet van toepassing indien bij collectieve arbeidsovereenkomst of regeling door of namens een daartoe bevoegd bestuursorgaan, andere regels worden gesteld voor het bepalen van de volgorde van opzegging bij het vervallen van arbeidsplaatsen, bedoeld in lid 3, onderdeel a, en een onafhankelijke commissie als bedoeld in artikel 671a, lid 2 , wordt aangewezen.

7

Dit artikel is niet van toepassing op een opzegging tijdens de proeftijd.

Bron: wetten.overheid.nl. Dit is de geldende tekst zoals wij hem hebben opgehaald. Controleer bij twijfel altijd de officiële versie.

Hoe deze zaken eindigden

  • toegewezen 1.849 · 66%
  • afgewezen 856 · 30%
  • ongegrond 88 · 3%
  • gegrond 16 · 1%
  • ontbonden 2 · 0%
  • aangehouden 1 · 0%

Let op wat deze woorden betekenen. "Toegewezen" zegt dat de rechter het verzoek toewees, niet wie er gelijk kreeg. Vroeg de werkgever om ontbinding, dan betekent toegewezen dat de werknemer zijn baan kwijt is. Vroeg de werknemer om vernietiging van zijn ontslag, dan betekent hetzelfde woord het tegenovergestelde. Deze cijfers zeggen dus iets over de procedure, niet over jouw kansen. Daarnaast zijn 79 tussenuitspraken buiten deze telling gehouden. Daarin heeft de rechter de zaak aangehouden en dus nog niets beslist.

De meest recente uitspraken

Rechtbank Gelderland 20-7-2026 toegewezen

De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden omdat de arts na een duidelijke instructie de titel 'bedrijfsarts' blijft gebruiken en supervisievermeldingen verwijdert, wat het professionele vertrouwen fundamenteel beschadigt. Hij behoudt echter de transitievergoeding, omdat de werkgever eerder de onjuiste titelvoering heeft gefaciliteerd.

ECLI:NL:RBGEL:2026:5808
Rechtbank Gelderland 20-7-2026 toegewezen

De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden omdat de arts na een duidelijke instructie de titel 'bedrijfsarts' blijft gebruiken en supervisievermeldingen verwijdert, wat het professionele vertrouwen fundamenteel beschadigt. Hij behoudt echter de transitievergoeding, omdat de werkgever eerder de onjuiste titelvoering heeft gefaciliteerd.

ECLI:NL:RBGEL:2026:5808
Rechtbank Rotterdam 17-7-2026 toegewezen

De kantonrechter verklaart dat de werkgever bij de selectie- en plaatsingsprocedure in strijd is geweest met het beginsel van goed werkgeverschap, omdat de keuze om een onderzoeksgroep niet over te plaatsen niet voldoende onderbouwd was. Het besluit tot boventalligheid wordt niet vernietigd, maar de werkgever moet de proceskosten betalen.

ECLI:NL:RBROT:2026:8734
Rechtbank Zeeland-West-Brabant 9-7-2026 afgewezen

De kantonrechter weigert de ontbinding van de arbeidsovereenkomst van een Inrichtingsbeveiliger bij de RJJI, omdat er geen redelijke grond is voor verwijtbaar handelen of een verstoorde arbeidsverhouding. De werknemer krijgt wedertewerkstelling toe, binnen een week, met dwangsom bij niet nakoming. De werkgever moet de proceskosten betalen.

ECLI:NL:RBZWB:2026:6379
Rechtbank Limburg 9-7-2026 toegewezen

De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden wegens een verstoorde arbeidsverhouding, waarbij beide partijen een rol spelen. De werknemer moet de dienstwoning ontruimen, maar krijgt een transitievergoeding en uitbetaling van plusuren. De werkgever draagt de proceskosten.

ECLI:NL:RBLIM:2026:6727
Rechtbank Limburg 9-7-2026 toegewezen

De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden wegens een verstoorde arbeidsverhouding, waarbij beide partijen een rol spelen. De werknemer moet de dienstwoning ontruimen, maar krijgt een transitievergoeding en uitbetaling van plusuren. De werkgever draagt de proceskosten.

ECLI:NL:RBLIM:2026:6727
Rechtbank Zeeland-West-Brabant 9-7-2026 afgewezen

De kantonrechter weigert de ontbinding van de arbeidsovereenkomst van een Inrichtingsbeveiliger bij de RJJI, omdat er geen redelijke grond is voor verwijtbaar handelen of een verstoorde arbeidsverhouding. De werknemer krijgt wedertewerkstelling toe, binnen een week, met dwangsom bij niet nakoming. De werkgever moet de proceskosten betalen.

ECLI:NL:RBZWB:2026:6379
Rechtbank Limburg 8-7-2026 toegewezen

De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden op grond van de i-grond vanwege een duurzame verstooring van de arbeidsrelatie, veroorzaakt door emotionele spanningen rond het vertrek van de broer van de werknemer. De werknemer ontvangt een verhoogde transitievergoeding, maar geen billijke vergoeding. Herplaatsing is niet mogelijk.

ECLI:NL:RBLIM:2026:6587
Rechtbank Limburg 8-7-2026 toegewezen

De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden op grond van de i-grond vanwege een duurzame verstooring van de arbeidsrelatie, veroorzaakt door emotionele spanningen rond het vertrek van de broer van de werknemer. De werknemer ontvangt een verhoogde transitievergoeding, maar geen billijke vergoeding. Herplaatsing is niet mogelijk.

ECLI:NL:RBLIM:2026:6587
Rechtbank Zeeland-West-Brabant 8-7-2026 toegewezen

De arbeidsovereenkomst met een arts zonder BIG-inschrijving en ingetrokken verblijfsvergunning wordt ontbonden op grond van de h-grond. De werknemer ontvangt een transitievergoeding, maar draagt haar eigen proceskosten.

ECLI:NL:RBZWB:2026:6368
Rechtbank Zeeland-West-Brabant 8-7-2026 toegewezen

De arbeidsovereenkomst met een arts zonder BIG-inschrijving en ingetrokken verblijfsvergunning wordt ontbonden op grond van de h-grond. De werknemer ontvangt een transitievergoeding, maar draagt haar eigen proceskosten.

ECLI:NL:RBZWB:2026:6368
Rechtbank Amsterdam 6-7-2026 toegewezen

De arbeidsovereenkomst is niet opgezegd door beide partijen, maar wordt ontbonden op grond van de g-grond wegens verstoord vertrouwen. De werkgever moet de transitievergoeding betalen, maar geen billijke vergoeding. Loonstroken en eindafrekening moeten worden verstrekt, en de werkgever draagt de proceskosten.

ECLI:NL:RBAMS:2026:7403

Artikelen die hier in de praktijk bij horen

Deze artikelen worden opvallend vaak in dezelfde uitspraken aangehaald. Dat is het soort verband dat een jurist in zijn hoofd heeft en dat je nergens opgeschreven vindt.

Art. 7:671b BW

samen in 1.882 uitspraken

Art. 7:673 BW

samen in 1.072 uitspraken

Art. 7:686a BW

samen in 674 uitspraken

Art. 7:670 BW

samen in 578 uitspraken

Art. 7:671 BW

samen in 372 uitspraken

Art. 7:625 BW

samen in 351 uitspraken

Art. 6:119 BW

samen in 339 uitspraken

Art. 7:677 BW

samen in 332 uitspraken

Jouw situatie

Wat betekent dit artikel in jouw geval?

Een wetsartikel zegt pas iets als je het naast je eigen papieren legt. Stel je vraag aan Rechtswijs, dan zoeken we de bepalingen en uitspraken erbij die bij jouw situatie horen, en laten we zien waar het antwoord vandaan komt.

Gratis je vraag stellen

Deze pagina is samengesteld uit openbare bronnen: de wettekst van wetten.overheid.nl en gepubliceerde uitspraken van rechtspraak.nl. De samenvattingen per uitspraak zijn door Rechtswijs gemaakt en kunnen nuance missen; de uitspraak zelf is altijd leidend. Dit is geen juridisch advies.