Art. 7 ZW

Voor de Ziektewet ben je een werknemer als je een WW-uitkering krijgt, of in door de minister aangewezen gevallen als je veel minder uren werkt.

Wat dit voor jou betekent

Verder blijkt dat je niet zomaar een ZW-uitkering krijgt. Je moet op de dag van ziekmelding verzekerd zijn. Ben je op dat moment geen werknemer, dan krijg je geen uitkering. Dit artikel geeft dus de grenzen aan.

Wanneer kom je dit tegen?

  • Je krijgt een WW-uitkering en wordt ziek. Dan ben je voor de Ziektewet een werknemer.
  • Je werkt in een week vijf uur minder dan je gemiddelde, maar je krijgt geen WW. In sommige gevallen telt de Ziektewet je dan als werknemer.
  • Je werkgever zegt dat je geen dienstverband hebt en je krijgt geen ZW-uitkering. Je moet met bewijs aantonen dat je wel werknemer bent.
  • Je hebt zelf de leiding over je werk binnen een bedrijf en je wordt ziek. De rechter kan zeggen dat je geen werknemer bent.
  • Je meldt je ziek op een dag dat je geen WW meer krijgt en ook niet werkt. Dan ben je niet verzekerd voor de ZW.

Waar mensen op vastlopen

De grootste valkuil is dat mensen denken dat ze automatisch recht hebben op een ZW-uitkering omdat ze werk hadden of een WW-uitkering kregen. Maar de wet is streng. Uit de zaken blijkt dat het UWV controleert of er echt een dienstbetrekking was, met gezag van een werkgever en echt loon. Kun je geen bewijs leveren, dan kan het UWV de uitkering intrekken en terugvorderen. Ook is het niet voldoende om je zieken te melden; je moet op dat moment ook echt verzekerd zijn als werknemer.

Deze uitleg is door Rechtswijs geschreven op basis van de wettekst en de uitspraken hieronder, en gecontroleerd op verwijzingen naar wetsartikelen die er niet zijn. Hij vervangt geen advies over jouw eigen situatie.

De rechter heeft dit artikel in 94 gepubliceerde uitspraken toegepast, de meest recente op 5-6-2026.

Wat er in de wet staat

Voor de toepassing van deze wet wordt als werknemer beschouwd: a. degene, die krachtens de verplichte verzekering op grond van de Werkloosheidswet uitkering ontvangt; b. in door Onze Minister aan te wijzen gevallen degene die: 1° in een kalenderweek ten minste vijf arbeidsuren minder heeft dan zijn gemiddeld aantal arbeidsuren per kalenderweek of een aantal arbeidsuren heeft dat ten hoogste gelijk is aan de helft van zijn gemiddeld aantal arbeidsuren per kalenderweek als bedoeld in artikel 16, eerste lid, onderdeel a, van de Werkloosheidswet , doch aan wie geen uitkering wordt verleend op grond van enige bepaling van die wet; of 2° als gevolg van de regels gesteld in de ministeriële regeling op grond van artikel 1a, tweede lid, van de Werkloosheidswet geen arbeidsuren minder heeft als bedoeld onder 1°.

Bron: wetten.overheid.nl. Dit is de geldende tekst zoals wij hem hebben opgehaald. Controleer bij twijfel altijd de officiële versie.

Hoe deze zaken eindigden

  • ongegrond 46 · 49%
  • toegewezen 23 · 24%
  • gegrond 16 · 17%
  • afgewezen 9 · 10%

Let op wat deze woorden betekenen. "Toegewezen" zegt dat de rechter het verzoek toewees, niet wie er gelijk kreeg. Vroeg de werkgever om ontbinding, dan betekent toegewezen dat de werknemer zijn baan kwijt is. Vroeg de werknemer om vernietiging van zijn ontslag, dan betekent hetzelfde woord het tegenovergestelde. Deze cijfers zeggen dus iets over de procedure, niet over jouw kansen.

De meest recente uitspraken

Rechtbank Oost-Brabant 5-6-2026 ongegrond

Het UWV heeft terecht een ZW-uitkering teruggevorderd omdat geen sprake was van een wettelijk dienstverband. De eiseres kon geen objectieve bewijzen leveren van werkzaamheden of loon. Hoewel het beroep ongegrond is, krijgt de eiseres €500 schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn.

ECLI:NL:RBOBR:2026:3861
Rechtbank Oost-Brabant 5-6-2026 ongegrond

Het UWV heeft terecht de ZW- en WIA-uitkeringen van een burger teruggevorderd omdat geen sprake was van een privaatrechtelijke dienstbetrekking. De burger kon het tegendeel niet aantonen met objectieve bewijzen. De beroepen zijn ongegrond, maar de burger krijgt €500 schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn.

ECLI:NL:RBOBR:2026:3860
Centrale Raad van Beroep 3-6-2026 ongegrond

Het Uwv mag het ZW-dagloon laten bij de oorspronkelijke vaststelling, ook als het WW-dagloon is verhoogd op basis van een nabetaling na de referteperiode. Dit komt doordat de verhoging van het WW-dagloon berust op het vertrouwens- en rechtszekerheidsbeginsel, niet op een juiste berekening. Daarom hoeft het ZW-dagloon niet te worden aangepast.

ECLI:NL:CRVB:2026:742
Centrale Raad van Beroep 3-6-2026 ongegrond

Het Uwv mag het ZW-dagloon laten bij de oorspronkelijke vaststelling, ook als het WW-dagloon is verhoogd op basis van een nabetaling na de referteperiode. Dit komt doordat de verhoging van het WW-dagloon berust op het vertrouwens- en rechtszekerheidsbeginsel, niet op een juiste berekening. Daarom hoeft het ZW-dagloon niet te worden aangepast.

ECLI:NL:CRVB:2026:742
Centrale Raad van Beroep 22-4-2026 toegewezen

De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de uitkeringen van een burger moeten worden ingetrokken en teruggevorderd, omdat hij geen werknemer in de zin van de werknemersverzekeringen was. Hij had een belangrijke rol binnen de vennootschap en kon zijn eigen dienstbetrekking bepalen, waardoor geen gezagsverhouding bestond.

ECLI:NL:CRVB:2026:483
Rechtbank Den Haag 16-4-2026 ongegrond

De rechtbank oordeelt dat het Uwv terecht geweigerd heeft om een ZW-uitkering toe te kennen omdat de eiseres op de dag van de ziekmelding niet verzekerd was. De eerder ingediende datum was ondubbelzinnig en er was geen aanleiding tot herziening. Een hoorzitting was niet verplicht omdat de eiseres niet had gereageerd op het verzoek daarvoor.

ECLI:NL:RBDHA:2026:9080
Centrale Raad van Beroep 8-4-2026 toegewezen

Een burger heeft WW- en ZW-uitkering ontvangen, maar deze worden ingetrokken en teruggevorderd omdat het Uwv concludeert dat er geen echte dienstbetrekking bestond. De burger kon geen verifieerbaar bewijs leveren van werkelijke werkzaamheden of loonbetalingen.

ECLI:NL:CRVB:2026:445
Centrale Raad van Beroep 4-3-2026 afgewezen

Een werknemer die na beëindiging van zijn WW-uitkering niet meer werkt, is niet verzekerd voor de Ziektewet (ZW) op het moment van ziekmelding, zelfs niet bij nawerking van vier weken. De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de afwijzing van ZW-uitkering terecht is, omdat de ziekmelding buiten de geldende periode van verzekering viel.

ECLI:NL:CRVB:2026:249
Centrale Raad van Beroep 25-2-2026 toegewezen

Het Uwv had terecht de WW- en ZW-uitkering van een burger ingetrokken omdat geen sprake was van een echte privaatrechtelijke dienstbetrekking. De burger kon zijn bewijs niet aannemelijk maken met objectieve en verifieerbare gegevens. Er was geen dringende reden om af te zien van de intrekking. Wel kreeg de burger schadevergoeding van €500,- wegens overschrijding van de redelijke termijn.

ECLI:NL:CRVB:2026:208
Centrale Raad van Beroep 18-2-2026 toegewezen

Het Uwv heeft terecht de WW- en ZW-uitkering van een burger ingetrokken en teruggevorderd omdat er geen echte privaatrechtelijke dienstbetrekking was. Geen vooringenomenheid of schending van het recht op privéleven is aangetoond. De burger kon geen objectieve bewijzen leveren voor een werkelijk dienstverband. De uitspraak bevestigt de besluiten van het Uwv.

ECLI:NL:CRVB:2026:226
Rechtbank Midden-Nederland 29-10-2025 ongegrond

Het Uwv heeft terecht geweigerd de WW-uitkering uit te betalen van een werknemer die op staande voet is ontslagen wegens grensoverschrijdend gedrag. De rechtbank bevestigt dat de werkloosheid verwijtbaar is en dat het Uwv terecht handelde bij het nemen van besluiten over uitkeringen, terugvordering en afwijzing van aanvragen. Het Uwv heeft 50% van de terugvordering kwijtgescholden vanwege eigen rol in de vertraging.

ECLI:NL:RBMNE:2025:5619
Rechtbank Rotterdam 10-10-2025 ongegrond

De werkgever (ERD) is verantwoordelijk voor de Ziektewetuitkering van een voormalige werknemer die ziek werd na het einde van haar dienstbetrekking, zonder dat zij een aanvraag had gedaan voor WW-uitkering. De rechtbank bevestigt dat de werknemer niet als 'werknemer' in de zin van artikel 7, onderdeel b, van de ZW mag worden beschouwd, omdat daarvoor een aanvraag voor WW-uitkering nodig is. Daarom is de rechtsgrond voor de ZW-uitkering artikel 29, tweede lid, onderdeel b, en dus valt de last terug op de ERD.

ECLI:NL:RBROT:2025:11727

Artikelen die hier in de praktijk bij horen

Deze artikelen worden opvallend vaak in dezelfde uitspraken aangehaald. Dat is het soort verband dat een jurist in zijn hoofd heeft en dat je nergens opgeschreven vindt.

Art. 33 ZW

samen in 23 uitspraken

Art. 3 ZW

samen in 22 uitspraken

Art. 30a ZW

samen in 19 uitspraken

Art. 36 WW

samen in 16 uitspraken

Art. 3 WW

samen in 16 uitspraken

Art. 22a WW

samen in 15 uitspraken

Art. 46 ZW

samen in 15 uitspraken

Art. 29 ZW

samen in 14 uitspraken

Jouw situatie

Wat betekent dit artikel in jouw geval?

Een wetsartikel zegt pas iets als je het naast je eigen papieren legt. Stel je vraag aan Rechtswijs, dan zoeken we de bepalingen en uitspraken erbij die bij jouw situatie horen, en laten we zien waar het antwoord vandaan komt.

Gratis je vraag stellen

Deze pagina is samengesteld uit openbare bronnen: de wettekst van wetten.overheid.nl en gepubliceerde uitspraken van rechtspraak.nl. De samenvattingen per uitspraak zijn door Rechtswijs gemaakt en kunnen nuance missen; de uitspraak zelf is altijd leidend. Dit is geen juridisch advies.